Dierenverwaarlozing


Het verbod op dierenverwaarlozing geldt alleen voor gehouden dieren en staat geregeld in de Wet dieren. Voor wilde dieren staat ook het een en ander geregeld in de Flora- en faunawet. Deze laatste categorie wordt echter verder behandeld als wildlife crime.


Definitie van dierenverwaarlozing

Dierenverwaarlozing staat in de Wet dieren niet zo expliciet aangegeven als dierenmishandeling. Daar waar de wet spreekt van een zorgplicht voor dieren, wordt eigenlijk gesproken over verwaarlozing. Op dit moment staat deze zorgplicht aangegeven in artikel 2.2 lid 8.

Het is houders van dieren verboden aan deze dieren de nodige verzorging te onthouden.

Art. 2.2 lid 8 Wet dieren

Dit artikel geeft aan dat alleen gehouden dieren de nodige verzorging verdienen en dat alleen de houder van deze dieren daar wettelijk verplicht toe is. Wat deze nodige verzorging inhoud staat niet expliciet aangegeven, maar valt wel terug te vinden in de wet.

Voor de toepassing van het tweede lid wordt tot de zorg die dieren redelijkerwijs behoeven in elk geval gerekend dat dieren zijn gevrijwaard van:

  • dorst, honger en onjuiste voeding;
  • fysiek en fysiologisch ongerief;
  • pijn, verwonding en ziektes;
  • angst en chronische stress;
  • beperking van hun natuurlijk gedrag;

voor zover zulks redelijkerwijs kan worden verlangd.

Art. 1.3 lid 3 Wet dieren

Dit artikel spreekt over de intrinsieke waarde van het dier, wat inhoud dat de wet erkent dat dieren wezens met gevoel zijn. Lid 2 van hetzelfde artikel stelt dat bij het vaststellen van wettelijke bepalingen hier rekening mee moet worden gehouden. De vijf genoemde vrijheden, afkomstig van de Britse Farm Animal Welfare Council, zijn de voorwaarden die de wet noemt voor een goede verzorging van dieren en daarmee het erkennen van de intrinsieke waarde van dieren.